Mijn collega Nynke van Verschuer is er eigenlijk voor verantwoordelijk dat ik dit artikel schreef. Zij stelde me voor een verhaal te maken over Alexander van Holk en sprak met ons af in een café. Aan de cafétafel torende Van Holk met zijn lange sportlijf boven me uit en hij bleek een krachtige en vrolijke persoonlijkheid. Hij wist me direct te boeien met verhalen over zijn werk als investment banker en met zijn ambitie een Olympische medaille te winnen.

Tevens leek hij mij bijzonder ongeschikt voor een verhaal en dit vertelde ik aan mijn collega. Ik kon me niet voorstellen hoe je zonder clichés of kleffe bewondering iets anders dan zoetsappig over Van Holk zou kunnen schrijven. Ik zag alleen een heel flauw en voorspelbaar verhaal voor me. Dat liet ik terug op de redactie direct weten. Maar dáárom, zei mijn collega, moet je het júist doen. Die opmerking zou me niet loslaten.

Zou je Van Holks verhaal ook niet-sentimenteel of larmoyant kunnen weergeven? Het werd een uitdaging.

Zonder al een idee te hebben over hoe, ben ik toch met Alexander gaan praten, ben mee geweest naar zijn training, heb met zijn trainer langs de Bosbaan gefietst, ben bij Alexander thuis geweest, sprak mensen van de bond, had een gesprek met zijn vrouw. Het hielp niet. In mijn hoofd groeide de sympathie voor Van Holk, samen met de onwil om zijn verhaal op te schrijven. Ik was bang voor de clichés en vooral voor psychologie van de koude grond. Het leek me dat je niet over Van Holk zou kunnen schrijven zonder opzichtig psychologische lijnen te gaan trekken, iets wat ik probeer te vermijden in interviews, en zo de werkelijkheid tot het platte verhaal van een gehandicapte sporter te reduceren.

Tot ik Alexander op een dag vroeg waaraan hij dacht op het hoogtepunt van een race, en hij een heel helder antwoord gaf. Vanzelf kwam toen het idee: ik hoefde alleen maar zo precies mogelijk het verhaal van een race op te schrijven, dat fascineerde al genoeg. De spanningsboog lag voor het oprapen: die zat in het aantal fasen dat een race telde. Als ik dat verhaal nou afwisselde met zijn levensverhaal, dan kon ik de lezer zelf iets van zijn mentale staat laten voelen en kon de lezer zelf nadenken over Alexander. Dat was veel beter dan zelf pathetische verbanden te trekken.

En zo geschiedde. Eigenlijk was mijn taak vrij beperkt. Ik heb slechts heel precies gevraagd, zo ongeveer per meter, wat er tijdens een race gebeurt, en dit nauwkeurig genoteerd. De rest van Alexanders verhaal, plus de gesprekken die ik met de mensen uit zijn omgeving had, heb ik er met wat verdichting doorheen gemonteerd.

Omdat ik heel erg in het hoofd van Alexander zat, maar hem ook op twee manieren liet vertellen – ik noteerde zijn beleving van de race en vertelde relaas achteraf – vond ik een quote unquote-interview minder geschikt. Beleven en vertellen zijn net wat anders, maar ik wilde beide wel dicht bij elkaar houden. Daarom koos ik ervoor om alles vanuit Alexander, maar geparafraseerd te vertellen. Bijkomend voordeel is dat je het verhaal iets meer kan lezen zoals je gewend bent in een boek, dat vertelt over een hoofdpersoon.

Kortom, het dus allemaal de schuld van Nynke van Verschuer.

Naar het verhaal van deze makerTerug naar alle verhalen

Het verhaal bij deze maker

Altijd vertrouwen

Deze week zijn de Paralympische Spelen in Rio. Roeier Alexander van Holk doet mee. Samen met Sander Pleij kijkt hij vooruit naar de wedstrijd en terug op zijn leven.


Door: Sander Pleij

Categorie: Lezen

Vrij Nederland

Read More