‘Ik wou dat ik er niet was’, wie heeft dit nooit verzucht? Het is een direct gevolg van de steeds complexer wordende samenleving, die zich via allerlei kanalen voortdurend aan ons opdringt. Tegelijk is het verlangen om te verdwijnen niet iets dat je snel met anderen deelt. Dat maakte het voor mij een interessant onderwerp.

Het idee voor De Verdwijners kreeg ik door het boek Playing Dead van de Amerikaanse journaliste Elizabeth Greenwood. Hierin onderzoekt zij de vraag of je je eigen dood in scène kunt zetten en een nieuw leven kunt beginnen. Bijvoorbeeld om onder schulden uit te komen. In de huidige tijd, waarin wij overal digitale sporen achterlaten, blijkt dat bijna onmogelijk.

Evenmin als Greenwood lukte het mij om mensen te spreken die écht verdwenen waren – nogal wiedes. Maar een Nederlandse vrouw die al jaren op een winderige berg in Turkije woonde, met haar ezel en twee honden als enig gezelschap, kwam er dicht bij in de buurt. Fascinerend vond ik ook het verhaal van twee broers wier vader van de ene op de andere dag met de noorderzon was vertrokken. Jaren later vonden ze hem terug aan de Spaanse kust, om erachter te komen dat hij niet aan zichzelf had kunnen ontsnappen. Tenslotte zocht ik naar een meer beschouwende verhaallijn, in de persoon van een kunstenaar die dit thema in zijn oeuvre had verwerkt. Ik las over Bas Jan Ader en andere verdwijnkunstenaars en kwam uiteindelijk bij Maarten Inghels terecht, de toenmalige stadsdichter van Antwerpen. Ik mocht hem vergezellen op een performance die hij The Invisible Route noemde. Daarin ging hij op zoek naar een route door de stad waarbij je onzichtbaar voor camera’s bleef.

De Verdwijners bestaat uit een proloog en drie door elkaar heen gevlochten interviews: een vrij sobere verhaalstructuur dus. Deze kwam echter via grote omwegen tot stand.

Voor de proloog ging ik de straat op met de vraag ‘Kent u het verlangen om te verdwijnen?’ De eerste man die ik aansprak, bij een metrostation in de Bijlmer, gaf de perfecte antwoorden – zó perfect, dat luisteraars achteraf vroegen of ik een acteur had ingehuurd. Verbluft door deze toevalstreffer, stelde ik nog tientallen mensen dezelfde vraag. Maar geen enkel antwoord kwam ook maar in de buurt van dat van die eerste man.

Verder ondervroeg ik privédetectives over opsporingsmethoden en het recht om te verdwijnen (dat zoiets bestaat, vond ik al zo mooi), sprak ik familieleden van langdurig vermisten en interviewde ik collega Linda Polman, die ooit in Haïti bij corrupte ambtenaren haar eigen overlijdensakte kocht. Geen van deze verhaallijnen haalde de eindmontage.

Vanwege de losse structuur en het onderzoekende karakter noem ik De Verdwijners een radio-essay. Ik vond het een uitdaging om een verhaal te maken zonder voice-over teksten, waarin de verhaallijnen vloeiend en associatief in elkaar overlopen. Zoiets vraagt wel wat van de luisteraar: je moet maar hopen dat die dezelfde gedachtesprongen maakt als jij. Gelukkig kon ik dat toetsen aan mijn fantastische collega’s Katharina Smets en Gerrit Kalsbeek, steun en toeverlaten tijdens de opnames en montage.

Naar het verhaal van deze makerTerug naar alle verhalen

Het verhaal bij deze maker

De verdwijners

Een vader laat een brief op de keukentafel achter en verdwijnt, om jaren later op te duiken in Spanje. Een dichter dwaalt door de stad, op zoek naar plekken om onzichtbaar te zijn. Een Nederlandse vrouw woont al jaren alleen op een winderige berg in Turkije. Je oude leven achter je laten en spoorloos verdwijnen. Kan het nog?


Door: Maartje Duin

Categorie: Luisteren

2DOC

Read More