Een Rode Khmerkopstuk, een internationaal tribunaal met grotendeels Cambodjaanse rechters en twee nuchtere Nederlandse advocaten. Het zijn enkele hoofdingrediënten van de meeslepende documentaire van regisseur Jorien van Nes.

Vijf jaar lang volgt Van Nes hoe advocaten Michiel Pestman en Victor Koppe de Cambodjaan Nuon Chea verdedigen, oftewel brother no. 2. Chea was de ideoloog van de Rode Khmer en de tweede man na de inmiddels overleden Pol Pot. Hij staat terecht voor oorlogsmisdaden die in de jaren ‘70 onder het schrikbewind zouden zijn gepleegd. In vier jaar tijd komen 1,7 miljoen Cambodjanen om – een 5e deel van de bevolking toen. Met die wetenschap wordt de kijker meteen in verwarring gebracht als Chea zelf in beeld komt. De oude man ligt met een grote zonnebril uitgeteld in zijn cel en spreekt met een breekbare stem. Hebben we hier nu te maken met een monster of een fragiele bejaarde? Het is een vraag die in de documentaire steeds weer de kop op steekt.

Dat Van Nes en haar team toegang tot het verdedigingsteam van Chea krijgen, is knap. Er staat veel op het spel. De rechtszaak wordt door een van de advocaten bestempeld als het grootste proces sinds Neurenberg. Er is volop aandacht van de internationale pers en binnen Cambodja krijgt iedereen op de eerste dag van het proces een dag vrij. De openingsscène, waarin de advocaten door alle drukte op moeizame wijze het tribunaalgebouw binnenkomen, is een voorbode van wat hen te wachten staat. Het proces is stroperig, rommelig en vanuit de overheid vindt actieve bemoeienis plaats. Een realiteit waar beide advocaten op hun eigen manier mee worstelen. Pestman voert het eerste jaar vooral campagne tegen de invloed van de regering op het tribunaal. Koppe bijt zich meer inhoudelijk in het dossier vast en zoekt naar de ‘historische waarheid’. Die tegenstelling geeft het verhaal reliëf. Als beide advocaten met elkaar in conflict komen, krijgt het verhaal een nieuwe wending.

Alleen toegang maakt nog geen goed verhaal. Zeker niet bij een onderwerp dat zo complex is. Juridische haarkloverij laat zich lastig verfilmen, de geschiedenis van de Rode Khmer is bij weinig kijkers bekend en het proces vindt ook nog eens op bijna 10.000 kilometer van Nederland plaats. Het maken van keuzes is volgens Van Nes cruciaal geweest: “Ik probeerde een balans te zoeken tussen de persoonlijke en de professionele kant van de advocaten en de geschiedenis van het land.”

Die balans is gevonden en leidt tot een rijk en gelaagd verhaal. Het ene moment vraag je je als kijker af hoe het is om een mogelijke oorlogsmisdadiger te verdedigen, dan weer ervaar je de persoonlijke frustraties van de advocaten, om vervolgens inzicht te krijgen in de complexe geschiedenis van de Rode Khmer. De gelaagdheid van het verhaal zet zich ook in beeld voort. Naast prachtig filmarchief uit de jaren zeventig, gebruikt Van Nes een selectie uit de honderden uren van de registratie van het tribunaal zelf. Het zijn daarnaast vooral de kleine kwetsbare gefilmde scènes die bijblijven, zoals advocaat Koppe die een Boeddhabeeldje koopt voor Chea en tegen de verkoper zegt dat het voor ‘een oude vriend’ is.

Inmiddels is Chea veroordeeld tot levenslang. De documentaire van Van Nes is niet alleen een meeslepende vertelling, maar maakt de kijker ook getuige van geschiedschrijving. Het is een journalistiek relevante film, die ingenieus is opgebouwd.

Naar het verhaal van deze makerTerug naar alle verhalen

Het verhaal bij deze maker

Defending Brother No. 2

De Cambodjaan Nuon Chea, de tweede man na Pol Pot, staat terecht voor de misdaden tegen de menselijkheid, gepleegd tijdens het regime van de Rode Khmer in de jaren ’70.
Hoe kunnen de Nederlandse advocaten Michiel Pestman en Victor Koppe hem verdedigen zonder zichzelf en hun idealen te verloochenen?


Door: Jorien van Nes

Categorie: Kijken

VPRO

Read More